Geen vrouwendiscussie bij Introdans, want die hebben Moderne Meisjes.

Danspionier Lucinda Childs is eigenlijk de reden dat ik naar Moderne Meisjes ging. Daar ben ik liefhebber van. Van haar werk. Maar als bonus kreeg ik Regina van Berkel. Met Frozen Echo. Waarom is het belangrijk dat Introdans een programma met werk van alleen vrouwelijke choreografen brengt?

Huh?

Dat gevoel kreeg ik. Bij Frozen Echo van Van Berkel. Meteen al bij het opengaan van het doek. Het past namelijk niet bij elkaar wat je ziet. Een fraaie ruggengraat van saaie Windows computers, een groepje krioelende dansers en drie bijzonder uitgedoste diva’s.

Alleen mannen als Rudi van Dantzig en Toer van Schayk konden in Nederland hun gang gaan met grote, soms onduidelijke werken waarbij je toch het gevoel kreeg dat je met belangrijke kunst te maken had.

Het is daarom ook dat ik een recensie à la Joyce Roodnat schrijf (haar raad ik de voorstelling aan). Want het programma heet Moderne Meisjes omdat er drie vrouwelijke choreografen op het programma staan. Niet in een kleine zaal op een workshopavond, maar gewoon op het repertoire van het Arnhemse gezelschap.

Dat kun je een statement noemen. Sterke vrouwen heten in de programmabrochure dan ook ‘power-vrouwen’.

Danskunst bevorderen

Wat voegt dit programma met twee Nederlandse vrouwelijke choreografen en een Amerikaanse, toe aan de Nederlandse danskunst die Introdans zegt te bevorderen? Best wel wat. Niet alleen is het programma zeer de moeite van het bekijken waard, het geeft ook een goed beeld van vrouwelijke choreografen die internationaal actief zijn.

Zo timmert in Engeland Didy Veldman – echtgenote ook van de directeur van de Royal Ballet School Christopher Powney – aan de weg met haar gezelschap Umanoove. Voormalig soliste bij William Forsythe Regina van Berkel maakt vooral in Duitsland carrière als choreograaf, en danspionier Lucinda Childs weet in haar internationale agenda voor de derde keer tijd te vinden voor nieuw werk bij Introdans.

Een unicum.

Alle drie hebben ze een eigen signatuur. Veldman een doorkneed en oorspronkelijk bewegingsmateriaal, Childs lijnen en frases met kleine pasjes als pas de bourrée’s en balancé’s en Van Berkel een haast museaal danstheater. Alle drie maken ze in Moderne Meisjes gebruik van niet eenvoudige, moderne muziek (respectievelijk Elena Kats-Chernin, Ludovico Einaudi, Theo Verbey).

Het verschil tussen deze drie makers is dat een ervan een blijvende naam heeft, en terecht. Het werk van Lucinda Childs brengt, ook in het prachtige Petricor, ongemerkt je vaste waarneming uit balans door fijnzinnige patronen te introduceren en deze vervolgens te doorbreken.

De dansgeschiedenis in

Wat maakt dat slechts enkelen hun naam gebeiteld zien in de internationale dansgeschiedenis? Het zal helpen wanneer je op jonge leeftijd al een eigen geluid laat horen en tegen de verwachtingen in handelt, buiten de traditie om je weg baant en de boodschap die je met je meedraagt steeds maar weer tot uitdrukking weet te brengen. Had ik al gezegd kinderloos? Het verschil bestaat tussen wie tijd offert voor zijn kunst en wie zijn hele leven eraan wijdt.

Wat nog steeds opvalt is dat vrouwelijke choreografen vooral naam maken in de moderne dans. Denk aan (nog levende) choreografen Crystal Pite, Carolyn Carlson, Maguy Marin, Twyla Tharp, Anne Teresa De Keersmaeker. En in Nederland Conny Janssen, Krisztina de Châtel, en Ann Van Den Broeck, met nieuwkomers als Katja Heitmann, Cecilia Moisio en Dunja Jocic.

Deze terugblik op een waardevolle avond is echter geen klaagzang op gemiste kansen maar een lofzang op de danskunst van vrouwen. Want er is al het nodige geschreven over de noodzaak vrouwen meer kansen te geven en over vrouwen juist niet voor te trekken alleen omdat ze vrouw zijn. Beter is ze te laten spreken door hun dans. Dat heeft Introdans goed door.

Moderne Meisjes is nog t/m 25 januari te zien.

Dit artikel is ook te lezen op Cultuurpers.
(foto: Hans Gerritsen)

Misschien ook interessant?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.